Toezicht en transparantie in Europese financieringsinstrumenten
Het Europees steunbureau voor controle, de Europese Rekenkamer (ECA), heeft haar bezorgdheid geuit over de risico’s die bestaan op het gebied van toezicht, transparantie en verantwoordingsplicht bij de voorstellen van de Europese Commissie voor het Europees Fonds voor Concurrentievermogen en het Horizon Europa-programma. Deze instrumenten zijn gericht op meer dan 400 miljard euro uit de toekomstige meerjarenbegroting van de Europese Unie.
Gebrek aan eenduidigheid in definities en gegevens
In twee rapporten die maandag werden gepubliceerd, wijzen de auditoren erop dat, hoewel investeringen in concurrentievermogen, innovatie en onderzoek politiek prioriteit hebben en een “hogere toegevoegde waarde voor de EU” vertegenwoordigen, noch de Europese wetgeving noch de nieuwe voorstellen een gemeenschappelijke definitie van dit concept bieden. Dit kan de coherentie en evaluatie van de bestedingen bemoeilijken.
Bovendien waarschuwt de Rekenkamer dat beide voorstellen veel verwijzingen bevatten naar de overkoepelende prioriteiten van de EU, maar dat noch de Commissie noch de lidstaten beschikken over uitgebreide en betrouwbare gegevens over het gebruik van de fondsen voor deze doeleinden. Volgens het rapport wordt dit tekort niet afgedekt in de voorgestelde wetgeving.
Risico’s bij flexibiliteit en beheer van fondsen
Met betrekking tot het Europees Fonds voor Concurrentievermogen waarschuwen de auditors dat de toegenomen flexibiliteit van het fonds -die het mogelijk maakt snel fondsen te verplaatsen tussen verschillende sectoren en aanvullende bijdragen van lidstaten en andere actoren te ontvangen- onzekerheden kan veroorzaken over nationale steunmaatregelen. Dit punt zou volgens hen vooraf verduidelijkt moeten worden voordat het fonds operationeel wordt.
Daarnaast adviseert de Rekenkamer om minimale vereisten vast te stellen voor de rotatie van financiële instrumenten, dat wil zeggen hoe vaak de beschikbare fondsen hergebruikt kunnen worden, en stelt voor dat beheerscommissies niet meer dan redelijk hoge kosten voor beheer afdragen, bijvoorbeeld aan de Europese Investeringsbank.
Normatieve vereenvoudiging en risico’s
Wat betreft het vereenvoudigen van regelgeving, waarderen de auditors het doel van het invoeren van een uniform kader voor normen en geharmoniseerde betalingsvoorwaarden. Toch waarschuwen zij dat er nog steeds aanzienlijke onzekerheden bestaan, vooral omtrent overheidsaanbestedingen, het gebruik van niet-bindende financieringen en de opties voor vereenvoudigde kosten.
Ook worden risico’s vastgesteld op het gebied van naleving van de normen, transparantie en tracering van uitgaven, met name bij onderzoeksinitiatieven. Hoewel er maatregelen worden erkend die de administratieve last kunnen verlagen, benadrukt de Rekenkamer dat deze normen duidelijk gedefinieerd moeten worden.
Context en invloed op het meerjarenbegrotingsproces
De voorstellen maken deel uit van de onderhandelingen over het volgende meerjarige financieringskader van de EU voor de periode 2028 tot 2034. Het budget dat hiermee gemobiliseerd wordt, bedraagt bijna twee biljoen euro. De uiteindelijke omvang hangt echter nog af van de onderhandelingen tussen de lidstaten en het Europees Parlement.









